Rijkswaterstaat Maaswerken Doelrealisatie

De noord-zuidtak van de Maas moet in 2018 geschikt zijn voor schepen tot en met CEMT-klasse Vb met maximale diepgang van 3,50 m. Dit wordt gerealiseerd in het project Maaswerken Doelrealisatie. Movares heeft voor de verdieping van de vaarroute de gewenste bagger- en onderhoudsdiepte onderzocht voor zeven knelpuntlocaties: drie voorhavens bij sluizen (Sambeek, Belfeld en Heel), één baggerspeciedepot (Lateraalkanaal ) en drie baggerbare ondieptes op de Maas (kruising met Waalkanaal, Lateraalkanaal en Julianakanaal).

Vraag van de opdrachtgever

Rijkswaterstaat Maaswerken heeft Movares gevraagd de meest optimale bagger- en onderhoudsdiepte te onderzoeken voor zeven knelpuntlocaties op de vaarroute van de noord-zuidtak van de Maas.

Uitgevoerde werkzaamheden

Movares heeft onderzoek gedaan op de knelpuntlocaties, te weten drie voorhavens bij de sluizen bij Sambeek, Belfeld en Heel, één baggerspeciedepot (Lateraalkanaal ) en drie baggerbare ondieptes op de Maas (kruising met Waalkanaal, Lateraalkanaal en Julianakanaal). Vervolgens hebben we advies gegeven over de mogelijkheden. Rijkswaterstaat Maaswerken is zeer tevreden met de adviezen waardoor Movares nu in gesprek is over verdere samenwerking.

Onderhoudsadvies

Het advies is gebaseerd op milieu- en geotechnisch veldwerk, milieuhygiënische laboratoriumanalyses van de rivierbodem, stabiliteit van de kades en meerconstructies. Het onderhoudsadvies is gegeven op basis van verdiepingsscenario’s met een Life Cycle Cost analyse van drie onderhoudsdieptes: -4,9 m, -5,2 m en -5,4 m mlw (mean low water).
Uit het onderzoek bleek dat het slib op geen van de onderzoekslocaties toepasbaar is en niet voldoet aan NEN5720 doordat het zware metalen, PCB’s, PAK’s en minerale olie bevat. De buispalen van de aanmeerconstructies bij de sluizen voldoen niet aan de Europese normen. De damwanden voldoen wel, maar hebben lokaal lichte schade ondervonden als gevolg van de scheepvaart. Stabiliteitsanalyses van de kades bij voorgenomen verdieping van de vaarweg wijzen uit dat verdieping van de Maas nauwelijks invloed heeft op de stabiliteit van de kademuren. In de bodem van de voorhavens zijn wel vaarsporen te zien die door turbulentie van de scheepvaart zijn veroorzaakt. Voor de sedimentatiesnelheden op de onderzoekslocaties is 0 tot 0,05 m/j gehanteerd op basis van historische kennis en analyses van Rijkswaterstaat. In de LCC-analyse zijn verschillende baggerkosten voor slib, klei, zand en grind gehanteerd.

Kosten

De kosten voor onderhoud nemen toe wanneer de onderhoudsdiepte afneemt (van 15 naar 30 €/m3). In de voorhavens Sambeek en Belfeld is een onderhoudsdiepte van -5,4 m mlw geadviseerd, voor Heel is dat -4,9m mlw. Voor het baggerspeciedepot Lateraalkanaal wordt geadviseerd de afdeklaag te repareren en een diepte te onderhouden van -4,9 m mlw. Voor de baggerbare ondiepten wordt geadviseerd de diepte te handhaven op -5,2 m mlw.

Samenwerking

Het project is uitgevoerd voor het projectbureau Maaswerken onder regie van Movares in samenwerking met BK Milieuadvies en Fugro Geoadvies.

Kenmerken van dit project

 
Locatiezeven locaties op de noord-zuidtak van de Maas
 
Periode2015 - 2015
KlantRijkswaterstaat Maaswerken