Jaarlijks gaan er vele duizenden ‘exceptioneel zware transporten’ over de Nederlandse wegen. Een gemiddeld transport passeert zo’n tien tot vijftig bruggen en viaducten. Daarbij gaat het om veel data. Voor wegbeheerders is het een hele opgave om de kunstwerken op de routes te beoordelen. Dit proces kan sneller en efficiënter. Hiervoor hebben we het webplatform ZT Online ontwikkeld. Dit is een SaaS-methodiek die razendsnel toetst of een transport voldoet aan de veiligheidseisen.

30.000 transporten boven de 100 ton

Voor Rijkswaterstaat hebben we sinds 2011 zo’n 30.000 transporten doorgerekend boven de 100 ton. Dit ‘exceptioneel zware transport’ met uitzonderlijke afmetingen en gewichten gaat meestal om het vervoer van transformatoren, windturbines, graafmachines of betonnen platen. Voor deze ritten heeft het transportbedrijf een ontheffing nodig. De Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW) stemt de aanvragen af met de circa 400 wegbeheerders in ons land. Naast Rijkswaterstaat zijn dit provincies, gemeenten en waterschappen.

Complete afhandelingsproces

ZT Online doorloopt het complete afhandelingsproces van de aanvragen volledig geautomatiseerd en geautoriseerd. Alle bruggen en viaducten die worden gepasseerd, kunnen we toetsen op willekeurige transportconfiguraties. Op basis van de uitkomsten brengen we positief of negatief advies uit aan Rijkswaterstaat en de RDW. Ook kunnen we voor alle bruggen en viaducten de belasting door exceptioneel zwaar vervoer in de tijd presenteren. Dat is belangrijke informatie voor het beheer en onderhoud van de kunstwerken. Bovendien berekent ZT/Online hoeveel extra CO2-emissies een alternatieve route veroorzaakt.

Betere adviezen

Dit kunt u ook zelf met ZT Online. Het webplatform wordt al gebruikt door Rijkswaterstaat en de RDW en is nu ook beschikbaar voor wegebeheerders. Met ZT Online kunnen zij meer ontheffingsaanvragen afhandelen in een korter tijdsbestek waarbij het risico op fouten nihil is. Met de schat aan data kunnen zij gerichte analyses maken die helpen bij de beleidsvorming.

Interesse? Neem dan contact op met Irene Portier

Zie ook het artikel in het Technisch Weekblad