Deze discipline van Movares houdt zich bezig met risico’s verbonden aan productie, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen. Hiermee  worden de risico’s bedoeld waaraan “externen” (zoals omwonenden en overige personen die in de omgeving van de risicobron verblijven) als gevolg van deze activiteiten worden blootgesteld. Het gaat hierbij niet om de risico’s voor mensen die beroepsmatig of als reiziger betrokken zijn bij het proces of systeem. Analyses op gebied van externe veiligheid zijn onder meer nodig bij de vergunningverstrekking, aanpassing van bestemmingsplannen en het opstellen van milieu effectrapportages.

Regelgeving
Het externe veiligheidsbeleid in Nederland is gebaseerd op de begrippen Plaatsgebonden Risico  en GroepsRisico. Het Plaatsgebonden Risico is de kans dat een persoon die een jaar lang voortdurend en onbeschermd in de nabijheid van het te onderzoeken object om het leven komt ten gevolge van een incident. De norm die voor het Plaatsgebonden Risico wordt gehanteerd heeft de status van grenswaarde. Het GroepsRisico heeft betrekking op de kans dat er als gevolg van een incident een groep personen gelijktijdig om het leven komt. De norm voor het GroepsRisico geldt als oriënterende waarde, waarvan door het bevoegd gezag -mits voldoende gemotiveerd- kan worden afgeweken.

Onze aanpak
Een belangrijk onderdeel van onze werkzaamheden op het gebied van Externe Veiligheid, is het in kaart brengen van de heersende of toekomstige risicosituatie voor transport, opslag of productie van gevaarlijke stoffen. Voor analyse met betrekking tot transport hanteert Movares de Handleiding Risicoanalyse Transport (HART).

Kwantitatieve risicoanalyse
Bij een Kwantitatieve Risico Analyse (QRA) wordt (met behulp van computermodellen) een berekening gedaan van de risicosituatie. Voor het berekenen van risico’s van gevaarlijke stoffen is er verschil in de benadering voor de behandeling van gevaarlijke stoffen en voor het transport ervan. Voor de kwantitatieve risico analyses zijn een aantal software pakketten wettelijk voorgeschreven. Safeti is bedoeld om risicoberekeningen uit te voeren aan stationaire installaties, terwijl RBMII is ontwikkeld voor risicoberekeningen met betrekking tot het transport van gevaarlijke stoffen. Met RBMII kunnen berekeningen worden uitgevoerd aan drie verschillende transportmodaliteiten:

  • Spoorvervoer
  • Wegvervoer
  • Vervoer over water

Beiden pakketten geven als resultaat de ligging van de contouren van het Plaatsgebonden Risico langs de risicobron en een toetsing van het groepsrisco aan de oriëntatiewaarde. Deze laatste wordt uitgedrukt in een grafiek. Movares kan u adviseren over de risico’s met betrekking tot externe veiligheid. Voor lokale overheden geven wij advies wat betreft de ruimtelijke inrichting in de nabijheid van transportassen en spooremplacementen. Planontwikkelaars kunnen bij ons terecht voor deskundige advies. Wij assisteren u bij het overleg met hulpverleningsdiensten en bevoegd gezag. Zo kunnen wij voor u de verantwoording groepsrisico opstellen. Bij plannen betreffende de uitbreiding van spoor- en weginfrastructuur bepalen wij voor u de risico’s en toetsen die aan de normen uit de betreffende Basisnetten. Als uw plannen MER-plichtig zijn, verzorgen wij voor u het opstellen van de effectrapportage “externe veiligheid”.

Contactpersoon Frits Hobelman, +31 65109 3176